De geschiedenis van de Raspberry Pi: klein bordje, grootse invloed

,

Raspberry Pi

De laatste vijftig jaar zijn er enorm veel ontwikkelingen geweest op computergebied. Ik ga je aan de hand van een serie artikelen meenemen door die periode vol ontwikkelingen, vreemde uitvindingen, verdwenen merken en nog veel meer. Vandaag in deel 48 de geschiedenis van de Raspberry Pi: klein bordje, grootse invloed.

Het verhaal van de Raspberry Pi begint niet bij een fabrikant, maar in het onderwijs. Aan de Universiteit van Cambridge werd rond het midden van de jaren 2000 iets opmerkelijks zichtbaar. Studenten die zich aanmeldden voor de studie informatica bleken steeds minder programmeerervaring te hebben. Dat was een scherp contrast met eerdere generaties, die vaak al op jonge leeftijd met computers hadden geëxperimenteerd.

Een van de docenten die zich hierover zorgen maakte, was Eben Upton. Hij zag hoe de manier waarop mensen met computers omgingen fundamenteel was veranderd. Waar computers in de jaren tachtig en negentig nog uitnodigden tot ontdekken en zelf maken, waren het inmiddels vooral apparaten geworden waarop kant-en-klare software draaide. De gebruiker was consument geworden.

Dat had gevolgen. Wie nooit zelf iets bouwt, leert ook niet hoe systemen werken. En dat merkte men aan de universiteit.

De geest van de jaren tachtig
Mannetje van Lego zit op een Raspberry PiOm dat probleem te begrijpen, is een korte blik op het verleden nodig. In het Verenigd Koninkrijk speelde de BBC Micro een belangrijke rol. Deze computer was begin jaren tachtig ontwikkeld als onderdeel van een onderwijsprogramma en stond in talloze klaslokalen en huiskamers.

Wat deze machine bijzonder maakte, was niet zozeer de hardware, maar de manier waarop hij werd gebruikt. Wie de computer aanzette, kwam vrijwel direct in aanraking met programmeren. Het systeem nodigde uit tot experimenteren.

Dat contrast met moderne computers kon nauwelijks groter zijn. Die waren krachtiger dan ooit, maar ook complexer en minder toegankelijk. Juist dat inzicht vormde de basis voor een nieuw idee: een moderne computer die weer dezelfde nieuwsgierigheid zou oproepen.

Een ambitieus plan
Het doel dat Eben Upton en zijn collega’s voor ogen hadden, was verrassend eenvoudig te formuleren: maak een computer die zo goedkoop en toegankelijk is dat iedereen ermee kan leren programmeren. De prijs moest laag genoeg zijn om geen drempel te vormen, en de techniek moest uitnodigen tot experimenteren.

Om dat mogelijk te maken werd in 2008 de Raspberry Pi Foundation opgericht. Deze stichting kreeg een duidelijke missie: het bevorderen van computeronderwijs, wereldwijd.

Het project was daarmee vanaf het begin meer dan een technologisch experiment. Het was een poging om de manier waarop mensen met computers omgaan opnieuw vorm te geven.

Van experiment naar prototype
De eerste jaren stonden vooral in het teken van experimenteren. Al rond 2006 werd gewerkt aan vroege ontwerpen, die soms nauwelijks leken op wat later de Raspberry Pi zou worden. Een van de eerste werkende modellen had de vorm van een usb-stick met een video-uitgang: een minimalistische computer die je zo in een scherm kon steken.

Pas in 2011 verschenen de eerste prototypes die herkenbaar waren als voorloper van de uiteindelijke Raspberry Pi. Deze zogeheten alpha- en beta-borden werden in kleine aantallen geproduceerd en getest door ontwikkelaars en enthousiastelingen.

Hoewel de specificaties bescheiden waren, bleek al snel dat het concept werkte. De systemen konden Linux draaien, video’s afspelen en zelfs eenvoudige 3D-games uitvoeren. Daarmee was een belangrijke stap gezet: de combinatie van lage kosten en bruikbaarheid bleek haalbaar.

De onverwachte doorbraak
Op 29 februari 2012 werd de eerste officiële Raspberry Pi gelanceerd. Het betrof de Model B, een klein printplaatje met een prijskaartje van 35 dollar. Wat volgde, verraste zelfs de initiatiefnemers. De belangstelling was enorm. Websites van distributeurs raakten overbelast en binnen korte tijd werden tienduizenden exemplaren verkocht. De Raspberry Pi was in één klap een succes.

Opvallend was dat de aantrekkingskracht veel breder bleek dan alleen het onderwijs. Natuurlijk vonden scholen en studenten hun weg naar het apparaat, maar ook hobbyisten, programmeurs en elektronicaliefhebbers omarmden het systeem. De Raspberry Pi bleek een gat te vullen dat lange tijd onzichtbaar was geweest.

Wist je dat…

framboosDe naam Raspberry Pi niet zomaar gekozen is? In de begintijd van de computerindustrie was het gebruikelijk om computers naar fruit te vernoemen. Denk aan bedrijven als Apple en Apricot Computers. De naam Raspberry past in die traditie, terwijl “Pi” verwijst naar de programmeertaal Python, die vanaf het begin een belangrijke rol speelde op het platform.
En daarmee zit er aan de Raspberry Pi ook een Nederlands tintje, want het was de Nederlandse informaticus Guido van Rossum die de programmeertaal Python ontwierp en ontwikkelde. Hij ontleende de naam van de programmeertaal aan zijn favoriete tv-programma Monty Python's Flying Circus.
De Raspberry Pi is zelfs in de ruimte gebruikt. Astronaut Tim Peake nam tijdens zijn missie naar het internationale ruimtestation experimenten mee waarbij scholieren op aarde konden meedoen.

Een computer die iets terugbrengt
Wie de eerste Raspberry Pi gebruikte, merkte al snel dat dit geen traditionele computer was. Het apparaat werd geleverd zonder behuizing, zonder opslag en zonder besturingssysteem. De gebruiker moest zelf aan de slag.

Dat was geen tekortkoming, maar juist de bedoeling. De Raspberry Pi dwong tot betrokkenheid. Wie iets wilde doen, moest zelf ontdekken hoe het werkte. Daarmee bracht het systeem een ervaring terug die veel mensen herkenden uit de begintijd van de homecomputer.

De introductie van Raspberry Pi OS, gebaseerd op Linux, maakte het systeem toegankelijker zonder de vrijheid te beperken. Gebruikers konden kiezen: eenvoudig beginnen of diep de techniek in duiken.

Groei en volwassenwording
Na de succesvolle introductie volgden al snel nieuwe modellen. De Raspberry Pi ontwikkelde zich in hoog tempo, waarbij elke generatie meer mogelijkheden bood. Wat begon als een eenvoudig bordje, groeide uit tot een volwaardige computer die zelfs als desktop kon functioneren.

Met de komst van de Raspberry Pi 4 werd duidelijk hoe ver het platform was gekomen. Met meerdere gigabytes aan geheugen en ondersteuning voor moderne aansluitingen was het systeem niet langer alleen een leerhulpmiddel, maar ook een serieus werkpaard.

Tegelijkertijd bleef de oorspronkelijke filosofie behouden. De Raspberry Pi moest toegankelijk blijven, zowel qua prijs als qua gebruik.

Van hobby naar industrie
Hoewel de Raspberry Pi zijn wortels in het onderwijs heeft, vond het systeem al snel zijn weg naar andere toepassingen. Hobbyisten gebruikten het voor projecten variërend van mediacenters tot zelfgebouwde spelcomputers, terwijl bedrijven het ontdekten als compacte en betrouwbare oplossing voor industriële toepassingen.

Die ontwikkeling maakte het noodzakelijk om naast de stichting ook een commerciële organisatie op te zetten. Zo ontstond een structuur waarin productie en verkoop werden gescheiden van de educatieve missie, maar wel met elkaar verbonden bleven.

Het resultaat was bijzonder: een product dat wereldwijd werd verkocht, terwijl de opbrengsten bijdroegen aan onderwijs en ontwikkeling.

De invloed van een gemeenschap
Een belangrijk onderdeel van het succes van de Raspberry Pi is de gemeenschap die eromheen ontstond. Over de hele wereld deelden gebruikers hun projecten, ideeën en oplossingen. Websites, forums en tijdschriften stonden al snel vol met voorbeelden van wat er mogelijk was.

Die uitwisseling van kennis maakte de Raspberry Pi tot meer dan alleen een product. Het werd een platform waarop mensen elkaar inspireerden en uitdaagden. Voor veel gebruikers was dat minstens zo belangrijk als de hardware zelf.

Raspberry Pi in Nederland

Ook in Nederland vond de Raspberry Pi al snel een enthousiast publiek. Binnen HCC ontstonden groepen waarin leden projecten deelden en elkaar hielpen bij het gebruik van het systeem. De Pi bleek uitstekend te passen bij de traditie van hobbycomputing die binnen de vereniging al decennialang leeft.

Daarnaast wordt de Raspberry Pi op veel Nederlandse scholen gebruikt als introductie tot programmeren en digitale techniek. Initiatieven rond code-onderwijs maken vaak gebruik van het platform vanwege de lage kosten en de brede inzetbaarheid.

Ook onder hobbyisten is de Raspberry Pi populair gebleven. Van zelfgebouwde weerstations tot uitgebreide domoticasystemen: het apparaat duikt op in talloze projecten. Juist de combinatie van eenvoud en flexibiliteit maakt het geschikt voor zowel beginners als gevorderden.

Wat daarbij opvalt, is dat de Raspberry Pi in Nederland vaak wordt gebruikt zoals hij ooit bedoeld was: niet als kant-en-klare oplossing, maar als startpunt voor eigen ideeën. Dat sluit naadloos aan bij de oorspronkelijke filosofie van het project en bij de manier waarop veel HCC-leden met technologie omgaan.

raspberry pi 3676379 1280

Tegenslag en aanpassing
Het succes bracht ook uitdagingen met zich mee. Tijdens de wereldwijde chiptekorten begin jaren twintig werd de Raspberry Pi plotseling schaars. De vraag bleef groot, maar de productie kon niet altijd volgen.

Dat leidde tot lastige keuzes. Industriële klanten kregen vaak voorrang, wat tot frustratie leidde bij hobbyisten en onderwijsinstellingen. Het riep de vraag op in hoeverre de Raspberry Pi trouw kon blijven aan zijn oorspronkelijke idealen.

Toch wist het project zich aan te passen. Nieuwe productieruns en verbeterde beschikbaarheid zorgden ervoor dat het platform toegankelijk bleef.

Een blijvende erfenis
Zo’n vijftien jaar na de introductie is de Raspberry Pi niet meer weg te denken uit de wereld van technologie en onderwijs. Het apparaat heeft miljoenen mensen in aanraking gebracht met programmeren en elektronica, en heeft een belangrijke rol gespeeld in de heropleving van de makerbeweging.

Wat de Raspberry Pi bijzonder maakt, is niet alleen wat het kan, maar vooral wat het mogelijk maakt. Het is een computer die uitnodigt tot nieuwsgierigheid, tot experimenteren en tot leren.

In een tijd waarin technologie vaak verborgen zit achter gesloten systemen, vormt de Raspberry Pi een opvallend tegenwicht. Het is een herinnering aan een andere manier van omgaan met computers, een manier waarin begrijpen en creëren centraal staan.

En misschien is dat wel de belangrijkste les uit de geschiedenis van de Raspberry Pi: dat echte innovatie soms niet zit in méér technologie, maar in het toegankelijk maken ervan.


Meer artikelen in de serie De geschiedenis van vind je hier


Over de auteur

Marco Mekenkamp is eindredacteur van PC-Active. Dit 108 pagina's tellende magazine verschijnt elke twee maanden en is te koop in de winkel. Leden van HCC krijgen PC-Active zes keer per jaar thuisgestuurd als onderdeel van het HCC-lidmaatschap.

'Meld je aan voor de nieuwsbrief'

'Abonneer je nu op een of meerdere van onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van onze activiteiten!'

Aanmelden