Sociale media zijn voor miljoenen Nederlanders niet meer weg te denken uit het dagelijks leven. We gebruiken ze om contact te houden, nieuws te volgen, foto's te delen en mee te praten over maatschappelijke onderwerpen. Tegelijkertijd groeit de twijfel over de invloed die platforms als Facebook, Instagram, TikTok en X op onze samenleving hebben. Nederlanders blijken daar zelfs opvallend somber over te zijn.
Onderzoek
Uit nieuw internationaal onderzoek van het Amerikaanse Pew Research Center blijkt dat 70 procent van de ondervraagde Nederlanders sociale media vooral als iets negatiefs voor de democratie beschouwt. Daarmee behoort Nederland tot de meest kritische landen uit het onderzoek. In de Verenigde Staten, lange tijd een land waar de zorgen bijzonder groot waren, ligt dat percentage met 64 procent lager.
Dat is een flinke verandering. In 2022 vond 54 procent van de Nederlanders sociale media vooral slecht voor de democratie. In 2026 is dat dus gestegen naar 70 procent. Slechts 27 procent van de Nederlanders beoordeelt de invloed inmiddels als overwegend positief.

Niet alleen een Nederlands verschijnsel
De toenemende bezorgdheid is niet uniek voor Nederland. Pew Research Center ondervroeg voor het onderzoek tienduizenden mensen in 37 landen. In verschillende landen is de houding tegenover sociale media de afgelopen jaren duidelijk negatiever geworden.
In Duitsland vindt bijvoorbeeld 61 procent sociale media slecht voor de democratie, tegenover 41 procent in 2022. In Frankrijk steeg het percentage van 51 naar 65 procent. Ook in het Verenigd Koninkrijk is inmiddels een meerderheid negatief. Tegelijkertijd bestaan er grote internationale verschillen: in diverse landen in Azië, Afrika en Latijns-Amerika wordt de invloed van sociale media juist vaker positief beoordeeld.
Manipulatie en verdeeldheid
Waar komen die zorgen vandaan? Een belangrijk punt is de enorme snelheid waarmee informatie – maar ook onjuiste informatie – via sociale media kan worden verspreid.
Internationaal zegt een ruime meerderheid van de ondervraagden dat internet en sociale media het gemakkelijker hebben gemaakt om mensen met onjuiste informatie te manipuleren. Ook vindt een meerderheid dat de platforms de politieke verdeeldheid hebben vergroot.
Dat zijn herkenbare onderwerpen voor iedereen die regelmatig sociale media gebruikt. Algoritmes bepalen voor een belangrijk deel welke berichten we te zien krijgen. Berichten die veel reacties oproepen, kunnen daardoor extra zichtbaar worden. Dat geldt niet alleen voor betrouwbare informatie, maar ook voor sensationele berichten, halve waarheden en soms complete desinformatie.
De snelle ontwikkeling van kunstmatige intelligentie maakt dat vraagstuk nog ingewikkelder. Teksten, afbeeldingen, stemmen en video's kunnen tegenwoordig relatief eenvoudig met AI worden gemaakt of gemanipuleerd. Alleen kijken of iets er 'echt' uitziet, is daardoor steeds minder voldoende.
Sociale media hebben ook voordelen
Het beeld is overigens niet uitsluitend negatief. Sociale media maken informatie snel toegankelijk en bieden mensen de mogelijkheid om zelf deel te nemen aan maatschappelijke discussies. Uit het onderzoek blijkt dat internationaal 77 procent denkt dat internet en sociale media ervoor hebben gezorgd dat mensen beter geïnformeerd kunnen zijn over actuele gebeurtenissen. Een meerderheid ziet bovendien voordelen doordat mensen gemakkelijker hun stem kunnen laten horen.
Ook het Nederlandse Sociaal en Cultureel Planbureau waarschuwt ervoor het debat over sociale media niet uitsluitend vanuit negatieve effecten te voeren. Hoe mensen hun mening vormen, is ingewikkelder dan alleen de werking van een algoritme. Eigen ervaringen, gesprekken met anderen, bestaande overtuigingen en andere media spelen eveneens een belangrijke rol.
We gebruiken sociale media ondertussen volop
Daar zit een interessante tegenstelling. Nederlanders zijn kritisch, maar sociale media blijven buitengewoon populair. Volgens het Nationale Social Media Onderzoek 2026 gebruiken ongeveer 14,6 miljoen Nederlanders van 15 jaar en ouder één of meer sociale media. Gemiddeld gebruiken zij 4,5 verschillende platforms en besteden ze er ongeveer twee uur per dag aan. Tegelijkertijd vinden 7,2 miljoen Nederlanders dat sociale media een gevaar vormen voor het mentale welzijn.
Ook jongeren worstelen met die tegenstelling. Uit het Grote Jongerenonderzoek 2026 blijkt dat jongeren gemiddeld 3,9 uur per dag aan sociale media besteden. Bijna twee derde vindt zelf dat te veel en 39 procent zegt zelfs dat sociale media wat hen betreft misschien beter nooit hadden kunnen worden uitgevonden.
Digitaal vaardig betekent ook kritisch blijven
Voor HCC is juist dat laatste interessant. Digitale vaardigheid betekent tegenwoordig veel meer dan weten hoe een computer, smartphone of app werkt. Het betekent ook begrijpen wat er achter het scherm gebeurt.
Waarom krijg je een bepaald bericht te zien? Wie heeft het gemaakt? Is de bron betrouwbaar? Probeert iemand je ergens van te overtuigen? Is een foto werkelijk een foto, of door AI gegenereerd? Waarom verschijnt een bepaalde advertentie juist bij jou? En welke gegevens worden daarbij over je verzameld?
Dat zijn vragen die steeds belangrijker worden.
We hoeven sociale media daarbij niet meteen de rug toe te keren. Ze bieden immers volop mogelijkheden om kennis te delen, contacten te onderhouden en nieuwe informatie te ontdekken. Ook HCC gebruikt verschillende sociale platforms om leden en andere geïnteresseerden te bereiken.
Maar het nieuwe internationale onderzoek laat wel zien dat veel mensen zich steeds bewuster worden van de keerzijde. Juist daarom blijven digitale vaardigheden, mediawijsheid, privacybewustzijn en kritisch omgaan met online informatie essentieel.
De techniek ontwikkelt zich razendsnel. De uitdaging is ervoor te zorgen dat wij niet alleen leren hoe we die techniek gebruiken, maar ook blijven begrijpen wat die techniek met óns doet.
(Gebaseerd op een eerder verschenen artikel van PEW Research en voor HCC-lezers aangepast)
De bij dit artikel gebruikte afbeelding is gegenereerd met behulp van artificiële intelligentie