Kunstmatige intelligentie wordt steeds vaker ingezet voor toepassingen die enkele jaren geleden nog nauwelijks voorstelbaar waren. Onderzoekers van de Rijksuniversiteit Groningen gaan AI nu gebruiken om een van de beroemdste archeologische vondsten ter wereld verder te onderzoeken: de ruim tweeduizend jaar oude Dode Zeerollen.
De komende vijf jaar proberen wetenschappers te achterhalen waar de rollen precies zijn geschreven en vervaardigd. Daarbij combineren zij kunstmatige intelligentie met analytische chemie en paleografie, het wetenschappelijk onderzoek naar oude handschriften.
Voor het project is 2,5 miljoen euro beschikbaar via een prestigieuze Europese ERC Advanced Grant. Het onderzoek staat onder leiding van hoogleraar Mladen Popović, internationaal expert op het gebied van de Dode Zeerollen.
Een van de belangrijkste archeologische vondsten
De Dode Zeerollen werden tussen 1947 en 1956 ontdekt in grotten bij Qumran, aan de noordwestelijke oever van de Dode Zee. De collectie geldt als een van de belangrijkste archeologische vondsten van de twintigste eeuw.
De rollen bevatten onder meer de oudst bekende manuscripten van vrijwel alle boeken van het Oude Testament. Daarmee zijn zij van uitzonderlijk belang voor onderzoek naar het vroege jodendom, de ontwikkeling van religieuze ideeën en de ontstaansgeschiedenis van de Bijbel.
Toch bestaan er nog altijd grote vragen. Waar werden de afzonderlijke manuscripten precies geschreven? Waar kwamen de gebruikte materialen vandaan? Waren schrijvers geconcentreerd rond Qumran of bestond er een veel groter netwerk van schrijvers en productieplaatsen verspreid over het oude Judea?
AI moet helpen om nieuwe antwoorden te vinden
Binnen het nieuwe onderzoeksproject, dat de naam ‘Tracing Scribes and Scrolls’ draagt, worden honderden fragmenten in laboratoria onderzocht. Met chemische analyses kijken wetenschappers naar de samenstelling en eigenschappen van de gebruikte materialen. Die gegevens kunnen aanwijzingen bevatten over de geografische herkomst van bijvoorbeeld het materiaal waarop teksten zijn geschreven.
Daar komt kunstmatige intelligentie in beeld. AI-systemen kunnen grote hoeveelheden meetgegevens analyseren en patronen herkennen die voor menselijke onderzoekers moeilijk zichtbaar zijn. Door chemische kenmerken te combineren met gegevens uit handschriftonderzoek hopen de wetenschappers verbanden te ontdekken tussen materialen, schrijvers en locaties.
Het bijzondere is dus niet dat AI zelfstandig ‘de geschiedenis schrijft’. De kracht zit juist in het combineren van verschillende soorten wetenschappelijke gegevens.
Wie schreef waar?
Onderzoekers hopen uiteindelijk niet alleen beter te kunnen bepalen wanneer bepaalde rollen zijn geschreven, maar ook waar individuele schrijvers of groepen schrijvers actief waren.
Dat kan een veel gedetailleerder beeld opleveren van sociale en religieuze netwerken in het oude Judea. Misschien blijken teksten die lange tijd met één locatie werden geassocieerd in werkelijkheid afkomstig uit verschillende plaatsen. Ook kunnen overeenkomsten in handschrift en materiaalgebruik mogelijk aantonen dat bepaalde schrijvers deel uitmaakten van bredere netwerken.
Daarmee kan het onderzoek nieuwe inzichten geven in de manier waarop religieuze teksten en ideeën zich in de eeuwen vóór het begin van onze jaartelling verspreidden.
AI bewees eerder al zijn waarde
Het Groningse onderzoeksteam heeft al ervaring met de combinatie van kunstmatige intelligentie en historisch onderzoek. In 2025 trok een studie internationaal de aandacht waarbij AI werd gecombineerd met radiokoolstofdatering.
Daaruit bleek dat verschillende Dode Zeerollen mogelijk ouder zijn dan lange tijd werd aangenomen. Sommige fragmenten van de Bijbelboeken Daniël en Prediker bleken zelfs te dateren uit de periode waarin deze teksten vermoedelijk werden samengesteld.
Dat onderzoek liet zien dat AI bestaande wetenschappelijke methoden niet hoeft te vervangen, maar juist kan versterken. Waar radiokoolstofdatering informatie geeft over ouderdom en handschriftonderzoek kijkt naar schrijfvormen, kan AI helpen complexe verbanden tussen grote aantallen kenmerken te ontdekken.
Internationale samenwerking
Het project wordt niet uitsluitend vanuit Groningen uitgevoerd. De onderzoekers werken samen met verschillende internationale instellingen, waaronder de Israel Antiquities Authority in Jeruzalem en universiteiten in Italië, België en Denemarken.
Ook worden Egyptische papyri onderzocht en vergeleken met de Dode Zeerollen. Door materiaalgebruik uit verschillende gebieden naast elkaar te leggen, hopen onderzoekers beter te begrijpen welke kenmerken lokaal waren en welke juist over grotere afstanden voorkwamen.
De Rijksuniversiteit Groningen speelt al tientallen jaren een belangrijke rol in het internationale onderzoek naar de Dode Zeerollen. In 1961 werd daar het Qumran Instituut opgericht. Sindsdien geldt Groningen als een belangrijk internationaal centrum voor dit onderzoeksgebied.
Wat betekent dit voor HCC-leden?
Voor HCC-leden is dit onderzoek een interessant voorbeeld van de manier waarop kunstmatige intelligentie zich ontwikkelt buiten de bekende toepassingen zoals chatbots, teksten schrijven en afbeeldingen genereren.
AI kan ook worden gebruikt als wetenschappelijk analyse-instrument. Wanneer onderzoekers duizenden meetwaarden, handschriftkenmerken en chemische gegevens moeten vergelijken, kan kunstmatige intelligentie patronen ontdekken die anders mogelijk onopgemerkt blijven.
Tegelijkertijd laat het project zien dat goede AI-toepassingen vrijwel altijd afhankelijk zijn van menselijke expertise. Archeologen, historici, chemici, paleografen en dataspecialisten brengen ieder hun eigen kennis in. De computer levert geen historische waarheid met één druk op de knop, maar ondersteunt onderzoekers bij het analyseren van complexe gegevens.
Juist die samenwerking tussen mens en machine kan een van de belangrijkste toepassingen van AI worden.
Standpunt van HCC: AI is veel meer dan ChatGPT
HCC vindt dit onderzoek een aansprekend voorbeeld van de werkelijke breedte van kunstmatige intelligentie. In het publieke debat wordt AI nog te vaak vrijwel uitsluitend vereenzelvigd met chatbots, gegenereerde afbeeldingen en systemen zoals ChatGPT.
Daarmee doen we de technologie tekort. De grootste maatschappelijke en wetenschappelijke waarde van AI kan juist liggen in toepassingen waarbij enorme hoeveelheden complexe gegevens worden geanalyseerd. Denk aan medisch onderzoek, klimaatmodellen, materiaalwetenschap, astronomie en nu dus ook archeologie en geschiedenis.
HCC vindt het daarbij essentieel dat AI wordt gebruikt als ondersteuning van menselijke deskundigheid en niet als vervanging daarvan. Een algoritme kan patronen herkennen, maar de betekenis van die patronen moet zorgvuldig worden beoordeeld door vakmensen. Transparantie over gebruikte gegevens, methoden en onzekerheden blijft daarbij noodzakelijk.
Het onderzoek naar de Dode Zeerollen laat prachtig zien wat mogelijk wordt wanneer eeuwenoude bronnen worden onderzocht met technologie van de 21e eeuw. Kunstmatige intelligentie kijkt hier niet alleen vooruit naar de toekomst, maar helpt ons mogelijk ook om het verleden beter te begrijpen.
Foto: Fragment van de Jesajarol uit de Dode Zeerollen. Afbeelding: Wikimedia Commons / publiek domein